8

Westbatterij

bij het fort aan de IJmeerdijk.

Historische luchtfoto van de ovale Westbatterij met gracht

Luister naar dit verhaal

Voorgelezen door Floris

0:000:00

Gepauzeerd op 0:00 van 0:00

Je bent bij de Westbatterij, een bomvrij bakstenen torenfort uit 1850-1852 op het knooppunt van drie verdedigingslinies.

De Westbatterij is een zeldzaam goed bewaard gebleven bomvrij bakstenen torenfort, gebouwd tussen 1850 en 1852. Het versterkte de militaire posities aan de monding van de Vecht. Strategisch ligt het op het knooppunt van drie historische verdedigingslinies: de Vesting Muiden, de Nieuwe Hollandse Waterlinie en de Stelling van Amsterdam.

De toren is half-ovaal, 19 bij 22 meter, en bestond oorspronkelijk uit twee verdiepingen. Negen bomvrije, overwelfde kamers (kazematten) liggen rond een centrale ringkamer. De bakstenen muren aan de kwetsbare noordzijde, de zeezijde, zijn bewust dikker: extra weerstand tegen vijandelijke scheepsartillerie.

Onder de vloer ligt een drinkwaterkelder. Hemelwater werd via filtersystemen opgevangen, zodat het fort tijdens een langdurige belegering zelfvoorzienend was. In 1868 kreeg het fort de karakteristieke halfronde traptoren aan de zuidwestzijde erbij. Tijdens de mobilisatie van de Eerste Wereldoorlog was het bezet door 84 manschappen.

Het fort kijkt uit op de polder. Die open ruimte voor je is geen toeval, maar het resultaat van eeuwen militaire eisen (zie stops 4 en 6).

Verdieping

Achtergrond

De Stelling van Amsterdam, waar de Westbatterij deel van uitmaakt, werd in 1996 op de UNESCO Werelderfgoedlijst geplaatst. Het is een uniek voorbeeld van een nationale verdediging gebaseerd op het beheer van water als wapen. De Westbatterij was vanaf 1885 niet meer de modernste schakel: de uitvinding van de brisantgranaat maakte bakstenen forten kwetsbaar. Om die reden werd de gracht gedempt, een aarden wal opgeworpen en de toren deels met aarde en zand afgedekt (zie stop 9).